Basisprincipes bij langdurige suïcidaliteit
Contact maken en houden
Bij personen met langdurige suïcidaliteit is het extra belangrijk om te zorgen voor een contact waarbinnen suïcidaliteit blijvend openlijk kan worden besproken, zodat je de zelfmoordgedachten goed kan exploreren, opvolgen en aandachtig kan zijn voor een mogelijke aankomende acute fase.
Zet in op een contact met respect voor autonomie en empathie, waarbij personen open kunnen spreken zonder angst voor onmiddellijke veiligheidsacties. Creëer een veilige omgeving waarin je naast de zorgvrager staat, de zelfmoordgedachten begrijpt en de persoon zich gehoord, erkend en begrepen voelt. Op deze manier kan je het isolement waar personen met langdurige suïcidaliteit zich vaak in bevinden, doorbreken.
Wees alert voor mogelijke weerstand of tegenoverdracht, hierover lees je meer in het deel zelfzorg.
Ga suïcidaliteit als thema niet uit de weg omdat ‘het er al altijd is geweest’ en leg uit aan de persoon dat dit een belangrijk onderwerp is om bespreekbaar te maken en te houden.
Veiligheid bevorderen
Ook al is of blijkt suïcidaliteit eerder op de achtergrond aanwezig, aandacht voor veiligheid blijft belangrijk. In het bijzonder in die fases waarin zelfmoordgedachten opnieuw sterker en acuter worden. Het openlijk bespreken van veiligheidsmaatregelen en hier vooraf afspraken over maken met de zorgvrager en de naasten vormt hierin een belangrijk aspect. In het deel interventies lees je meer over safety planning.
Tracht daarbij in de eerste plaats de suïcidaliteit te exploreren en herstelbevorderend te handelen, in plaats van de suïcidaliteit te trachten controleren. Kies voor een houding van ‘geduld, vertragen en verdragen’ en probeer de suïcidaliteit te begrijpen eerder dan te beheersen.
Praktijkrichtlijnen raden aan om eerder terughoudend te zijn in het onmiddellijk ondernemen van beschermende acties bij personen met langdurige suïcidaliteit. Te veel veiligheidsmaatregelen zouden op lange termijn kunnen leiden tot een toename in regressief gedrag, bekrachtiging van de hopeloosheid en vermijding. Opnames zouden de suïcidaliteit ook kunnen doen toenemen en verhinderen dat de persoon copingvaardigheden gaat uitbouwen en toepassen in de eigen context.
Daardoor zal een opname soms eerder niet aangewezen zijn en de voorkeur uitgaan naar ambulante zorg (die kan geïntensifieerd worden bij acute crisissen).
Zeker bij personen met een borderline persoonlijkheidsproblematiek zijn herhaalde opnames te vermijden en richt de behandeling zich best op het omgaan met triggerende gebeurtenissen (die zich regelmatig kunnen voordoen) en emotieregulatie.
Aangezien dit contra-intuïtief kan lijken, is het belangrijk dat je de persoon en naasten voldoende informeert en samen bespreekt waarom en wanneer welke maatregelen (bv. opname) al dan niet aangewezen zijn.
- Initieer safety planning, ongeacht of suïcidaliteit latent of acuut aanwezig is.
- Handel herstelbevorderend en probeer de suïcidaliteit te begrijpen en verdragen, eerder dan te beheersen.
- Wees - zeker bij personen met een borderline persoonlijkheidsstoornis - terughoudend met restrictieve veiligheidsmaatregelen en leg uit aan de persoon en de naasten waarom je op deze manier handelt.
Naasten betrekken en ondersteunen
Naasten betrekken is één van de pijlers in suïcidepreventie en ook bij langdurige suïcidaliteit essentieel gezien ook de naasten vaak al een lange weg hebben afgelegd. Algemene tips voor het betrekken van naasten lees je hier.
Belasting voor de naaste
Naasten van personen met langdurige suïcidaliteit ervaren op regelmatige basis intense emoties en stress. Het opnemen van de zorg ervaren naasten als steeds zwaarder naarmate de suïcidaliteit langer aanhoudt en er meerdere pogingen voorkomen. De belasting blijkt ook hoger naarmate de band met de zorgvrager hechter is.
In het begin kan het besef dat suïcidaliteit langdurig is een reactie van shock, schuldgevoelens, boosheid, hulpeloosheid en machteloosheid teweegbrengen bij de naaste. In een volgend stadium kan de bezorgdheid en het vaak moeten anticiperen ertoe leiden dat de naaste door cycli van hyperwaakzaam gedrag gaat, in een poging om veiligheid van de suïcidale naaste te garanderen en als manier om de angst en de onzekerheid te hanteren. Dit intens emotioneel proces en de constante waakzaamheid kunnen een eenzame en uitputtende ervaring zijn.
Tegelijk kan het hypervigilant gedrag van de naaste op zijn beurt een negatieve impact hebben op de zorgvrager en leiden tot interpersoonlijke conflicten. Het kan bij de persoon met zelfmoordgedachten zorgen voor schuldgevoelens (omwille van de belasting op de naaste) en boosheid (bv. door het feit dat de naaste hun autonomie beperkt) wat het gevoel kan versterken dat ze iemand tot last zijn waardoor het suïciderisico kan toenemen.
Naast hypervigilant gedrag ziet men in de praktijk ook dat naasten juist ongevoelig kunnen worden voor de suïcidaliteit en zich kunnen gaan terugtrekken. Naasten kunnen bovendien ook zelf kwetsbaar worden voor het ontwikkelen van suïcidale gedachten, gezien de herhaaldelijke blootstelling eraan. Wees hier alert voor en verwijs naasten naar hulp.
Versterken van de band met de naaste
Werken aan sterke interpersoonlijke relaties en open communicatie tussen de zorgvrager en de naaste is een belangrijk onderdeel van suïcidepreventie. Zorgvragers zijn immers meer geneigd om hun suïcidegedachten te uiten als ze ondersteunende en bevredigende relaties hebben.
Naasten vermijden echter vaak open communicatie over zelfdoding door een algemeen gevoel van ongemak, onzekerheid wat te kunnen en mogen zeggen of de angst om het erger te maken. Ook zorgvragers zelf zijn minder geneigd om open over hun suïcidegedachten te spreken vanuit de angst om een last te zijn voor hun naaste of vanuit een algemeen gevoel er niet bij te horen. Probeer als zorgverlener deze drempels te verlagen en een veilige omgeving te creëren voor open communicatie.
In gesprek met naasten
Motiveer de zorgvrager om naasten te betrekken en bereid het gesprek samen voor. Zorg er ook voor dat je als zorgverlener gesteund wordt door jouw organisatie, bv. met betrekking tot waarom je in sommige situaties niet meteen overgaat tot beschermende maatregelen zoals een opname.
In het gesprek met naasten focus je op:
- Bespreken van de huidige situatie van de zorgvrager, de stand van zaken van de behandeling en de visie van het team op de verdere weg naar herstel. Informeer naasten grondig zodat zij begrijpen waarom bepaalde keuzes m.b.t de behandeling gemaakt werden.
- Bevragen van de visie van de naasten: welke risicofactoren of beschermende factoren zien zij? Wat denken zij dat de persoon zou kunnen helpen of wat de behandeling zou kunnen versterken?
- Beluisteren van de verwachtingen van naasten. Stel deze indien nodig bij. Dit kan bv. gaan over de beschikbaarheid en verantwoordelijkheid van de zorgverlener of over garanties om de zorgvrager veilig te houden.
- Bieden van psycho-educatie en ondersteuning aan de naasten, o.a. in het kader van safety planning (zie verder), zodat naasten weten hoe ze best ondersteuning kunnen bieden.
- Ruimte scheppen voor de vragen en bezorgdheden van naasten. Bespreek ook wat ze kunnen doen bij schrik voor escalatie en hoe ze kunnen omgaan met interpersoonlijke conflicten of crisissen.
Bied ook informatie en steun tijdens transfermomenten, want deze ervaren naasten als zeer stressvol. Voorzie bv. duidelijke informatie over de diagnose en het ziekteverloop (incl. het vooruitzicht dat het beter kan worden), over het herkennen van signalen, over hoe herval en hospitalisatie te voorkomen, over ontslag en follow-up zorg.
Verwijs naasten ook naar www.mee-leven.be, deze website biedt hen informatie, erkenning en steun.
- Betrek naasten in de zorg.
- Wees alert voor de draagkracht en mogelijke suïcidaliteit van naasten.
- Informeer naasten grondig over de mogelijkheden van de behandeling en stel indien nodig verwachtingen bij.
- Bied naasten psycho-educatie en ondersteuning.
Zorgcontinuïteit faciliteren
Personen met langdurige suïcidaliteit hebben vaak een lange (voor)geschiedenis in de hulpverlening, met veel verschillende behandelingen en hulpverleners.
Continuïteit van zorg is voor deze doelgroep extra belangrijk, omdat het vaak en snel wisselen van hulpverlener hardnekkige opvattingen bij de zorgvrager kan versterken (bv. ‘ik ben anderen tot last’; ‘niemand kan me verdragen’, ‘ik ben hopeloos’).
Ga daarom, rekening houdend met je eigen grenzen (zie verder in Zelfzorg) en de mogelijkheden binnen de setting, een langdurig engagement aan met de persoon en tracht veelvuldige doorverwijzingen te vermijden. Indien je toch doorverwijst, zorg dan voor een vlotte overgang naar de nieuwe zorgverlener. Stel bij voorkeur een multidisciplinair zorgnetwerk op rond de persoon en diens naaste(n).
- Zorg voor een langdurig engagement voor de begeleiding van de persoon.
- Bouw een multidisciplinair zorgnetwerk op dat de persoon en naasten kan ondersteunen.
-
Over deze adviezen
- Hoe langdurige suïcidaliteit definiëren?
- Wat kenmerkt langdurige suïcidaliteit?
- Basisprincipes bij langdurige suïcidaliteit
- Langdurige suïcidaliteit exploreren en opvolgen
- Interventies bij langdurige suïcidaliteit
- Zelfzorg & ondersteuning
- Samenvattend: wat neem je op in het beleid?